Je bent een behandeling aan het geven en merkt dat de vrouw onder je handen steeds dieper ontspant. Haar adem verandert, haar lichaam wordt zwaarder en er ontstaat een diepe stilte in de ruimte. Op hetzelfde moment gebeurt er ook iets in jou. Misschien houd je ongemerkt je adem in. Je voelt spanning in je buik of schouders. Of je merkt juist de neiging om iets te zeggen, een vraag te stellen of verder te gaan met de behandeling.
Dit zijn waardevolle momenten. Ze laten namelijk zien dat begeleiden nooit alleen gebeurt in het lichaam van de ander. Ook jouw lichaam maakt deel uit van de ontmoeting.
Binnen Wombodiment zien we de practitioner daarom als een regulerend veld. Jouw aanwezigheid, ademhaling, tempo en mate van gronding hebben voortdurend invloed op de veiligheid die een ander ervaart. Dat vraagt om bewustzijn. Hoe beter jij jezelf kent, hoe gemakkelijker je opmerkt wanneer je uit contact raakt met jezelf en hoe eenvoudiger je kunt terugkeren naar aanwezigheid.
Jouw lijf zegt zoveel meer dan jouw woorden
Tijdens een behandeling blijven twee zenuwstelsels voortdurend met elkaar in verbinding. De rust waarmee jij ademt, de zachtheid van je handen en de manier waarop jij aanwezig blijft, geven het lichaam van de ander voortdurend informatie. Niet door woorden, maar via het contact dat tussen jullie ontstaat.
Daarom begint regulatie altijd bij jezelf:
- Voordat je de ander uitnodigt om te vertragen, vertraag je zelf.
- Voordat je de ander uitnodigt om haar adem te verdiepen, merk je jouw eigen adem op.
- Voordat je de ander uitnodigt om te zakken in haar lichaam, voel je opnieuw het contact van je eigen voeten met de grond.
Vanuit die eenvoudige beweging ontstaat vaak vanzelf meer rust in de ruimte. De ander hoeft jouw ontspanning niet over te nemen. Ze voelt dat er een veilige bedding aanwezig is waarin haar eigen zenuwstelsel stap voor stap meer ruimte mag vinden.
Belichaamd begeleiderschap betekent daarom niet dat je altijd volledig rustig bent. Het betekent dat je leert herkennen wanneer je uit balans raakt en steeds opnieuw de weg terugvindt naar jezelf. Juist dat vermogen maakt jouw aanwezigheid betrouwbaar.
Een vrouw voelt wanneer jij werkelijk aanwezig bent.
En dit is niet omdat je alles onder controle hebt, maar omdat je jezelf blijft bewonen. Ook wanneer er stilte ontstaat, emoties zichtbaar worden of een behandeling een onverwachte richting op beweegt.
Daar wordt jouw aanwezigheid een bedding waarin de ander zich gedragen mag voelen.
Embodimentoefening | Terugkeren naar jezelf
Werk met een medestudent of een oefencliënt. De ontvangende persoon ligt ontspannen op de behandeltafel. De practitioner legt beide handen rustig op de voeten en blijft enkele minuten volledig aanwezig, zonder de intentie om iets te veranderen.
Richt je aandacht afwisselend op drie ankerpunten:
- Voel het contact van je voeten met de grond.
- Merk je ademhaling op.
- Breng je aandacht naar je bekken.
Voel vervolgens opnieuw het contact met de vrouw onder je handen.
Merk op hoe het voelt om steeds weer terug te keren naar jezelf, terwijl je in verbinding blijft met de ander.
Reflectiemoment
Tijdens welke momenten in een behandeling merk je dat jouw aandacht naar buiten beweegt?
En wat helpt jou om weer thuis te komen in je eigen lichaam, zodat je vanuit rust en aanwezigheid kunt blijven begeleiden?
Deel jouw ervaring in het opmerkingenveld.